
Elke dag die voorbij gaat brengt ons dichter bij het nieuwe jaar en daarmee groeit de onrust over de inkrimping van werkgelegenheid en het snijden in de uitkeringen, wat ons te wachten staat in de komende maanden. De zinsnede “langs de rand van de afgrond balanceren” die Raúl Castro in zijn laatste toespraak gebruikte lijkt geen metafoor, maar de pijnlijke werkelijkheid. Onder de sociale voorzieningen die geschrapt zullen worden is de gerantsoeneerde markt die aan elke burger maandelijks een kleine portie producten toebedeelt. Niemand kan overleven van alleen het voedsel dat zijn “bonnenboekje” levert, een boekje dat hier belangrijker is dan het eigen identiteitsbewijs. Maar door de uiterst lage lonen en de hoge prijzen op de andere bestaande markten in het land is het opheffen van deze ondersteuning dramatisch en hoogst omstreden.
Het is niet alleen een basisvoorziening, zij het een magere, maar het werkt als kanariezaad dat de kooi rechtvaardigt. Telkens wanneer de kritiek aanzwelt en mensen afkeurend naar het systeem beginnen te wijzen, komen de partijaanhangers in het geweer om ons eraan te herinneren, dat de overheid miljoenen per jaar uitgeeft om ons wat bonen te verschaffen, elke 30 dagen een pak koffie en een stukje worst, dat eerder het volksvermaak voedt dan de magen. Zo is het meer dan veertig jaar geweest, sinds de gereguleerde markt werd ingesteld, op een moment dat mijn ouders nog dachten dat het iets tijdelijks zou zijn, een voorbijgaande maatregel tot de gecentraliseerde planeconomie rendement zou beginnen op te leveren. Slechts een paar dagen na mijn geboorte werd mijn naam in het consumentenregister opgenomen en twintig jaar later moest ik mijn eigen zoon op diezelfde lijst inschrijven. Voedsel op de bon werd dus deel van ons leven. Vandaar dat veel mensen niet weten of ze moeten lachen of huilen om het bericht dat het einde van de rantsoenering nadert.
We zijn ons er allemaal van bewust, dat het voor de nationale economie onhoudbaar is geworden om het “boekje” te handhaven, maar weinigen kunnen zich het leven zonder hem voorstellen. Nu de situatie zo is, hebben we bij ons thuis besloten het kleine boekje met de geruite bladzijden, dat ons werd overhandigd voor 2011, heel zorgvuldig te bewaren, want als het echt het allerlaatste zou blijken te zijn, zal dat vast en zeker een historisch document worden. Degenen die een onmiddellijke opheffing ervan verdedigen, beweren dat het automatisch zal beteken dat er tonnen goederen in de vrije verkoop zullen komen en ze veronderstellen dat het een prijsdaling tot gevolg zal hebben op de ongereguleerde markt. Maar misschien zal de grootste verandering plaats vinden in de mentaliteit van de mensen, wanneer ze merken dat het kleine portie zangzaad niet meer in de kooi wordt gestrooid, wanneer ze de reële druk van elke spijl beginnen te voelen.
Entries (RSS)