
Afbeelding overgenomen van: cubanexilequarter.blogspot.ca
Het mysterie is opgelost, het enigma van de glasvezelkabel tussen Cuba en Venezuela is prijsgegeven door een indiscretie. De Venezolaanse Minister van Wetenschap en Technologie bevestigde een paar dagen geleden dat de kabel “absoluut al operationeel is” en dat het nu aan de regering van Raúl Castro is om er gebruik van te maken. Juist toen wij begonnen te geloven dat de bedrading op de bodem van de ze lag, aangevreten door haaien en verworden tot een nestelplek voor koraal, bereikt ons het bericht dat hij gewoon werkt. Voorlopig is nog een kwestie van woorden. Er is nog geen bewijs dat er daadwerkelijk kilobytes door de kabel stromen, dat data wordt uitgewisseld. Er is nog geen enkel kantoortje geopend die internetaansluitingen aanbiedt voor wie maar wil en in hotels blijven de kosten voor een uurtje surfen nog altijd torenhoog. Op werk- en studiecentra blijven de mogelijkheden om het cyberspace te bezoeken beperkt en onder streng toezicht, terwijl de staatsmedia geen enkele keer refereert aan de drieduizendvoudige verruiming van onze bandbreedte. De kabel is er, maar ook weer niet; hij bestaat, maar is niet voor ons bedoeld.
Tussen La Guaira in Venezuela en Santiago de Cuba loopt een navelstreng die ons land in de 21ste eeuw zou moeten brengen en ons zou moeten verlossen van onze minderwaardige communicatietechnologie. Toen de kabel begin 2011 onze kust bereikte, gingen zelfs de grootste pessimisten er niet van uit dat wij een jaar later nog steeds dezelfde verbindingsproblemen zouden hebben. Er is geen enkel valide argument aan te voeren om de Cubanen de massale toegang tot het web nog langer te ontzeggen, anders dan de eeuwige angst van onze autoriteiten voor het vrij verkeer van informatie. Elke dag dat ze wachten met onze inwijding als “internaut”, brengen ze schade toe aan het zakelijke en sociale kapitaal van dit land en veroordelen ze ons tot de achterhoede van de moderne tijd. Aan de andere kant geeft zoveel overheidscontrole voeding aan duizendeneen illegale manieren waarop mensen in contact komen met de inhoud van websites, blogs en online magazines. Net zoals schotelantennes vandaag de dag een werkelijkheid zijn die noch door politie noch door bedreigingen in de Granma kan worden uitgeroeid, gebeurt iets dergelijks ook met de toegang tot het wereldwijde web. Illegale accounts die worden doorverkocht op de zwarte markt door de netwerkbeheerders van overheidsorganisaties zijn een eerste signaal van cyberfraude.
Te midden van zoveel oproepen tot informatieve transparantie, is het paradoxaal dat een van de meest prangende kwesties van ons dagelijks bestaan omgeven is door geheimzinnigheid. Ook pijnlijk is het voor de officiële journalisten dat een ambtenaar van een buitenlandse mogendheid de enige is die zich heeft uitgesproken over de huidige status van de oh zo kostbare verbinding. Maar nog treuriger is het dat internet het nieuwe slagveld van de Cubaanse regering is en zij de kabel van glasvezel gebruikt als het – selectieve en verborgen – wapen in haar mediaoorlog.
Entries (RSS)